Profieldiepte controleren: zo meet je banden veilig

Profiel voert water af en helpt grip houden. Minder profiel betekent meer risico op aquaplaning, langere remweg en minder grip in sneeuw. Controleer daarom regelmatig je bandenprofiel.

Wettelijke en praktische grenzen

In Nederland is 1,6 mm de wettelijke minimale profieldiepte. Voor zomerbanden is vervangen rond 2 mm verstandig. Voor winterprestaties wordt 4 mm vaak als praktische grens gebruikt.

Zo meet je profieldiepte

Gebruik een profieldieptemeter

Plaats de meter in de hoofdgroef van het loopvlak. Meet niet op de slijtage-indicator zelf.

Meet meerdere plekken

Meet links, midden en rechts op de band. Doe dit op meerdere punten rondom de band.

Vergelijk voor en achter

Voorbanden kunnen anders slijten dan achterbanden. Ongelijke slijtage kan wijzen op verkeerde spanning, uitlijning of ophanging.

Kijk naar slijtage-indicatoren

In de groeven zitten indicatoren. Als het loopvlak daarmee gelijk komt, is de band wettelijk aan vervanging toe.

Let op schade

Controleer ook scheuren, bulten, spijkers, schroeven en zichtbare koordlagen. Bij schade is profieldiepte niet meer het enige criterium.

Actie

Meet profieldiepte minstens bij seizoenswissel, voor vakantie en zodra je minder grip of trillingen merkt.